aandachtspunten Bijstand aan opsporingsambtenaren en magistraten

  1. Als u al weet dat u gaat worden gehoord als getuige of verdachte, stel dan niet alvast van te voren een proces-verbaal op.
  2. Als ambtenaar heeft u de plicht om naar waarheid te verklaren, maar bent u verdachte dan heeft u een zwijgrecht. Dit recht om uzelf niet te hoeven belasten gaat boven uw plichten.
  3. Ook als getuige hoeft u niet mee te werken, tenzij u voor verhoor bent opgeroepen door de Rechter-Commissaris of ter zitting en onder ede staat (en u geen verschoningsrecht toekomt). Wel kunnen er soms disciplinaire gevolgen verbonden worden aan het niet meewerken of zwijgen.
  4. Als u domicilie kiest op het kantoor van uw advocaat voorkomt u dat uw werkgever eerder op de hoogte is van ontwikkelingen in het strafrechtelijk onderzoek dan u, en ook dat uw persoonlijke gegevens in het strafdossier terechtkomen.
  5. Stukken uit het strafrechtelijk onderzoek kunnen worden overgeheveld naar het – vaak parallel lopende - tuchtrechtelijk onderzoek, en andersom.
  6. Nadat een strafrechtelijk onderzoek is geseponeerd, kan de ‘rechtstreeks belanghebbende’ daartegen een klacht indienen bij het Gerechtshof (art. 12 Sv). Ook in deze procedure kunnen wij u bijstaan. Hoewel veel klachten uiteindelijk ongegrond worden verklaard, wordt u als beklaagde vaak wel in raadkamer gehoord.
  7. In veel gevallen heeft u recht op vergoeding van uw advocaatkosten door uw werkgever. Informeer hiernaar bij uw afdeling P & O of de (korps)jurist, dan wel – voor magistraten – bij de Raad voor de Rechtspraak.